Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar daar is Rietie weer naast haar en steekt de armen al uit.

„Samen 'n baantje?" zegt mevrouw en lacht haar toe.

„Graag! Weet u, wie ook op de baan is?" vraagt Rietie.

„Kind, er zijn honderden mensen; hoe kan ik nu weten, wie je bedoelt?"

„Kijk, daar gaat ze .... Vodden-Bet! Ze heeft wat 'n mooie schaatsen!"

„Maar wat rijdt dat kind goed!" roept mevrouw bewonderend uit. „Ze rijdt, geloof ik, nog beter dan Lucie!"

„Nee, dat geloof ik niet. Lucie rijdt het beste van al de meisjes; dat zeggen ze allemaal!" neemt Rietie het voor haar zusje op. „Hebt u gezien, hoe slordig die Vodden-prinses er uitziet ? Ik geloof, dat ze drie schorten over elkaar aan heeft. Niemand wil met haar rijden. Straks gooide 'n jongen haar 'n stok voor de schaats en ze viel lelijk, maar ze lachte nog harder dan de jongens."

„Dat vind ik erg lelijk van dien jongen!" zegt mevrouw.

„Ja, dat vond mijnheer Willemsen ook. Die heeft hem 'n paar flinke draaien om z'n oren gegeven en hij dreigde van dengene, die weer zoiets deed, de kaart te Zullen intrekken. Dat kan hij, want hij is de voorzitter van de ijsclub."

„Ik denk, dat ik eens een baantje zal rijden met Betje Brands," zegt mevrouw.

„U?" vraagt Rietie verbaasd. „Dat durft ze toch niet; ze is soms zo verlegen .... O moeder, kijk daar gaan Lucie en Jo en Lies en Annie .... o, nog veel meer! Ze rijden om het hardst. Vader staat ook te kijken! Zie, de mensen maken ruimte. Wat schieten ze er vandoor. Natuurlijk, Lucie voorop, dan Lies. O

Sluiten