Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nee, ze halen haar geen van allen in. Kijk Lucie al eens 'n eind vooruit zijn. O moeder, zie Vodden-Bet eens; ze klapt in d'r handen, ze roept wat tegen Lucie."

Opeens beginnen alle mensen te klappen en te roepen. Lucie heeft het gewonnen. Daar komt ze aanrijden. Haar gezicht straalt!

„Kind, wat zie je verhit!" zegt haar moeder bezorgd.

„O, 'k ben niets warm! Zó hard hoefde ik niet te rijden en morgen doe ik mee aan de wedstrijd!"

„Doe ik?" zegt mevrouw zachtjes. „Je bedoelt

„Nu ja ...." wil Lucie zich verontschuldigen, maar Ze hoeft de zin niet te vervolgen, want daar komt haar vader aanrijden en roept al van ver: „Lucie, ik heb je laten inschrijven voor morgen. Eerste prijs: 'n paar fijne schaatsen!"

„Weet u wie er meer meedoen, vader?"

„Ja, Jo en Mies en Lies.... 'k Denk wel dat ze allemaal mee zullen doen, dat hele stelletje van straks, want er zijn vier prijzen, 't Kost twee kwartjes!"

„Dat is maar goed ook, anders zou Vodden-Bet zich ook nog opgeven!" meent Lucie.

„En mag dat niet?" vraagt mijnheer.

„O jawel, maar dan reed ik niet mee! Ze wilde zoeven al met me rijden!" zegt Lucie en trekt haar neus op.

„En daar waagt Lucie zich niet aan!" plaagt haar vader.

„Waarom niet? Ik weet zeker, dat ik het van haar

„Zeg dat maar zo zeker niet. Ik heb haar zien rijden .... Kijk, daar gaat ze .... Ze houdt zeker 'n wedstrijd met zichzelf.... Kijk ze rijden! Nou Lucie?"

„Bespottelijk kind!" smaalt Lucie, maar ze ziet toch met belangstelling het „bespottelijke kind" na. Daar is ze bij de eindstreep. Ze grijpt de paal. Zie, ze lacht en klapt voor zichzelf in de handen. De mensen lachen ook en halen de schouders op. Alleen mijnheer Van

Sluiten