Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK 5.

OP SCHOOL

Mijnheer Verschoor was onderwijzer aan de U.L.O. De jongens en meisjes noemden hem „Bileam".

Waarom ?

Och, misschien was er niet één onder hen, die thans zijn klas bevolkten, die het wist, 't Was altijd zo geweest en telkens had een nieuwe klas die oude naam weer overgenomen zonder zich ooit rekenschap te geven, of er misschien enig verband bestond tussen mijnheer Verschoor en die naam. 't Was dan ook al Zo lang geleden, dat de naam Verschoor omgedoopt was in Bileam. Dan moest je wel tien, misschien wel vijftien jaar teruggaan.

Mijnheer Verschoor was toen ook al aan de U.L.O. en had, evenals nu, veel last met de jongelui. Er viel in z'n klas nogal eens een scène voor en bij een van die gelegenheden had de omdooping plaats gehad.

De klas was rumoerig en het regende bedreigingen, tot, plotseling, in gloeiende verontwaardiging mijnheer Verschoor z'n leerlingen voor Moabieten schold. Een der jongens was hierop ingegaan en, meer gevat dan eerbiedig, had hij opgemerkt, dat Balak Bileam geroepen had om te schelden, waarop mijnheer, door z'n drift niet goed meer beseffende, wat hij zei, geroepen had: „Ik ben Bileam en ik zal jullie schelden, zoveel ik wil." Een dankbaar applaus was z'n deel geweest en de omdoping was een feit geworden.

En nu staat diezelfde mijnheer Verschoor op een schitterende voorjaarsdag voor de klas en tracht de derde U.L.O. een meetkunde-vraagstuk uit te leggen.

Sluiten