Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

telt ze, wie er voorbijgaan, maar als Lucie niets terug zegt, staat ze op en buigt zich over de zieke heen. Die is in slaap gevallen, 'n Rustige slaap, die beter is dan al de drankjes van den dokter. Ze slaapt door, het ene uur na het andere.

Met een stem, waarin vreugde en dankbaarheid klinkt, vertelt mevrouw het aan mijnheer, als hij 's avonds thuis komt.

Ze vertelt ook van de bloemen van den baron en af en toe komt er een glimlach om zijn lippen; maar 't lijkt soms, of hij maar half luistert.

Hij is stil geworden de laatste dagen en soms kan hij Rietie plotseling op z'n knieën nemen en knuffelen.

Ook Rietie is stil. Het kleine dappere meisje lijdt mee. Ze hoort op school zo veel.... en heel veel lelijks, dat de kinderen, och, zonder opzet, op 't plein vertellen. Ze hadden zelfs gevraagd, of Lucie gestolen had en de gevangenis in moest. In een hoekje van 't plein was ze gaan zitten huilen. De juffrouw was bij haar gekomen en had haar getroost. Maar thuis had ze niets verteld; daar hadden ze verdriet genoeg.

Dikwijls durfde ze thuis niet eens te praten, bang, dat ze zou gaan huilen, vooral als vader zo stil zat, zo diep in gedachten en telkens z'n hoofd schudde.

Die nummerovereenkomst kon hij maar niet van zich afzetten. Al zou er misschien niets van komen, waarvoor hij alle pogingen in 't werk stelde, er lag een smet op Lucie's naam en wie weet, wat een leed dit haar later nog zou bezorgen .... Dan zag Rietie hem opstaan. Hij bleef onrustig heen en weer lopen, tot mevrouw kwam; toen beheerste hij zich weer.

Als Rietie die zorgenrimpels in z'n voorhoofd zo diep zag, dan vouwde ze haar handjes stilletjes onder de tafel en dan bad ze met open ogen, opdat vader het niet merken zou: „Heere, help Lucie!" Meer wist ze niet, maar 't was genoeg, dacht ze en dat ze haar ogen

Sluiten