Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

had bij het stropen .... Ze schaterde bij de herinnering, hoe ze dien dikken agent Feenstra had laten lopen. Lucie lachte dan mee, dat de tranen haar over de wangen liepen. Bart de Braaier was 'n linke, vond Betje. Hij had een paar keer „gezeten", maar meestal wist hij de dans te ontspringen.

Zo had hij eens een zware haas in een strik gehad, maar hij had den Dikke zien lopen en die zat toen vlak bij die strik in de struiken verstopt tot Bart zou komen om de haas te halen. Toen was Bart haar komen roepen. Zij moest met haar zusje paardenstekken gaan zoeken voor de konijnen en een zak meenemen; dan moesten ze langs de haas lopen en net doen, of ze 'm in de zak deden en hard weglopen. Er liep een paadje langs en dat kwam bij de beek uit, waar een losse plank over lag. Daar moesten ze overgaan en de plank achter zich optrekken, voordat de Dikke er was. Ze hadden gedaan, wat Bart gevraagd had. Wat hadden ze gelopen en wat had de Dikke lelijk op z'n neus gekeken, toen hij de plank opgetrokken vond. Hij had al brommende langs de kant heen en weer gelopen en eindelijk het gewaagd, om over de beek heen te springen, maar hij was er ingesprongen en was tot z'n middel nat. Wat was hij kwaad! Maar hij gaf 't niet op! Dat stropen moest eens uitwezen en hij liep wat hij lopen kon, om de meisjes in te halen. Die haastten zich schijnbaar niets, omdat ze zich veilig voelden met die opgetrokken plank, 't Duurde dan ook niet lang, of hij had ze ingehaald en met 'n forse stem gelastte hij ze, stil te staan. Ze deden, of ze hevig schrokken, maar ze hadden de grootste pret.

„Wat heb je daar in die zak?" snauwde hij bars.

„Paardestekken!" had Betje geantwoord, maar de Dikke had smalend gelachen: „Paardestekken! Gooi maar 's leeg!" Betje had het gedaan en ja, 't waren paardestekken .... alleen paardestekken!

Sluiten