Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

haar zachtjes toe. Ze tracht haar weer neer te leggen in de kussens.

't Wordt een angstige nacht voor mevrouw en ze is blij, als, al heel vroeg, de volgende morgen, de dokter aanbelt.

Mevrouw vertelt hem, hoe onrustig 't kind geweest is en angstig wacht ze het resultaat van het onderzoek af.

„Heel, heel rustig houden. Niemand mag bij haar. 'k Zal een verpleegster sturen."

„Is er gevaar voor 't leven?" vraagt mevrouw met angstige stem.

Dokter haalt de schouders op. De wonden zijn niet zo ernstig, maar de onmensen schijnen haar met een hard voorwerp herhaalde malen op het hoofd geslagen te hebben. Vandaar die ontzettende angst, die naduurt .... Vóór alles nu rust!

De verpleegster, ingelicht door den dokter, neemt de taak van mevrouw over. Lucie vindt het vreselijk, dat zij niets voor de patiënte doen kan. Niets ? Ja, dat weet Ze nu wel beter, en ze is in huis niet de enige, die dat weet, en die ook hulp zoekt daar, waar hulp te vinden is, als menselijke hulp te kort schiet.

Dagen lang zweeft Betje tussen leven en dood en de zuster is onverbiddelijk in het opvolgen van de haar gegeven opdracht. Niemand, mevrouw niet en Lucie niet, niemand wordt bij de zieke toegelaten.

Toch breekt eindelijk de dag aan, dat de taak van de verpleegster weer aan de huisgenoten kan worden overgedragen en nu neemt Lucie een groot deel van de verpleging voor haar rekening. Wat is ze handig! Niemand, die bij het verbinden Betje zo weinig pijn doet. Met vaardige hand neemt ze het oude verband weg en Zwachtelt opnieuw in. Ook is ze handig in het verbedden. Kortom, Lucie ontpopt zich als een geboren verpleegster.

'n Vriendelijke beslistheid legt ze bij alles aan de

Sluiten