Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor, toen Lucie zelf een nieuwe fiets kocht. Van een garage uit de buurt, waar ze ook fietsen verkochten, had ze verschillende prijscouranten gekregen.

Lucie zit ze na te kijken, als Betje binnenkomt. „Zie s Betje, zo n fiets neem ik!" laat ze haar zien en ze wijst 'n mooi Gazelle-karretje aan. „Vind je 't geen mooie ? Zwart stuur, torpedonaaf verchroomde spaken en velgen .... dus geen roesterij ...." prijst

Betje vindt het n pracht-fiets. Ze kan maar niet uitgekeken komen.

,, k Wou ook n fiets kopen voor Marie, want die moet elke dag zo ver lopen naar school.... maar 't j ntiet 2°'ii mooie te zijn .... Uw vader heeft gezegd, als ik geld nodig had, moest ik het maar vragen, van dat boekje."

„Dan weet ik wat veel beters! 'k Zal vader vragen, of jij mijn oude fiets kunt kopen .... dat is nog wat een goed karretje .... dan laten we 'm opknappen en je zult eens zien, hoe blij Marie er mee is! 'k Zal het vanavond dadelijk vragen!"

Betje straalt! Ze had er zelf ook al over gedacht, maar Ze durtae het zo maar niet te vragen. En dat opknappen

best met' ^6tS 2ag er nog mo°i 'l Kon zo

En voordat Lucie die avond met de les begon, vertelde ze Betje, dat het in orde was. Ze behoefde er niets voor te geven.

Wat was Betje blij, dat ze Marie zo'n mooi cadeau kon geven. Er zat een belastingplaatje op en een achterlichtje en alles en dat voor niks!

Lucie maakte die avond de les maar heel kort, want er was absoluut niets met haar leerling te beginnen. Lucie veronderstelde, dat Betje alleen nog maar fietsen zag.

Betje was ook blij, dat ze weer naar de keuken terug-

Sluiten