Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat dat bijgeloof was — maar ik zal hem vandaag wel eens aan zijn verstand brengen, dat dat niet zoo is!.... Oehoe! Oehoeoe!....

Het was bijna 5 uur, toen ze bij het Boschwachtershuisje kwamen. Bij de trap knielde het oudste meisje Bethli met de drie kleintjes en in de bevende handjes flakkerden kaarsjes.

„Goddank!" klonk het uit de kamer, toen Trotzli zacht met de bel rinkelde. Alles was netjes klaar gezet: kruisbeeld, kaarsen, wijwater, watten en zout. Er was geen enkele volwassene in huis. Bethli was de oudste en die ging nog naar de zesde klas. Moeder was een jaar geleden gestorven. De pastoor ging naar den stervende en Trotzli wachtte met de vier meisjes in de keuken, tot

hun zieke vader zijn laatste biecht gesproken had. Het was goed, dat meneer pastoor de deur opendeed en de vijf kinderen in de kamer riep... „God loone het u, meneer pastoor!" -fluisterde de uitgeteerde man met nauwelijks hoorbare stem.

,,'t Is goed, hoor, 't is goed! Onze Lieve Heer is tevreden — vanmiddag kom ik nog eens terug."

„Voor mij is het niet meer noodig, meneer pastoor

....„Voor die vier kleintjes daar!"

Sluiten