Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Toen Trotzli den volgenden morgen voor het ontbijt in de kamer kwam, schrok hij even en werd rood van

verrassing en vreugde Rondom de tafel lagen al de

ronde en hoekige oude doozen, maar op moeders plaats waren de feestgeschenken uitgepakt — alles was zoo goed en kwaad als het ging weer recht gedrukt en met frissche bloemen gesierd.... Een groot, rood-fluweelen speldenkussen met de woorden: „Voor alle moeite met gescheurde broeken!" — een zelfgesneden soeplepel: „Uit dank voor alles, wat alle dagen op de tafel staat!" Een aan elkaar gelijmde geraniumplant: „Voor alle onbegrepen liefde!" — Een kerkboek: „De katholieke Moeder" met een rood haarlintje uit Roosjes waschtafel: „Voor al de leerzame woorden, die onder de doornen vielen!" — En tenslotte een gekneusd hart van taai-taai met rozen en vergeet-mij-nietjes: „Voor verdriet en zorgen!"....

Dit alles had hij voor moeder klaar willen leggen in de keuken, in de woonkamer, in de mooie kamer.... maar toen kwam dat ongelukkige spookuur.... En nu was alles toch nog klaargelegd — Trotzli had nooit gedacht, dat hij zoo'n goeien, fijnen vader had.

Toen moeder eindelijk in de kamer kwam, sprak ze geen woord. Maar ze zag er niet meer uit als een Ernsthaft, maar als een echte, lieve moeder Elisabeth Fröhlich.

Trotzli wist, dat zij op dezen Moederdag een groote vreugde beleefd had.

Sluiten