Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een stoffige zolder. En nu had Trotzli net vijf dagen geleden met zijn kameraden besloten, dat ze daarboven een soort burcht zouden inrichten. Het was een buitengewoon plechtig oogenblik, toen Trotzli, Koos, Frits, Sep en Karei elkaar, als de vijf „edele ridders van den toren"

de hand reikten voor een eeuwig verbond Den

volgenden morgen hing het verbod in de sacristie.

Eindelijk waren moeders veertien strafdagen voorbij. Trotzli had zich al dien tijd rustig gehouden; hij kon heel wat, als hij echt wilde.

Na school stonden de „edele ridders" om den hoek van het schoolgebouw te beraadslagen. Koos voerde het woord: „Vrienden! Na veertien dagen zware boete mag ons opperhoofd Trotzli weer onder ons vertoeven. Deze gebeurtenis moet gevierd worden. Ik stel daarom voor, dat wij elkaar precies om 5 uur op onzen burcht in den toren zullen ontmoeten!"

„In den toren? Dat is toch ver !"

„Ja, het is verboden! Maar op de torendeur aan den achterkant zit geen slot, niemand merkt er iets van — en we doen er toch geen kwaad mee. Ik verwacht jullie allemaal! Precies om vijf uur boven zijn!"

Trotzli wilde geen boterham eten, toen hij thuiskwam. Met opzienbarenden ijver ging hij terstond zijn huiswerk maken. Wild en verward woelde het in zijn hoofd: „Neen, neen, ik ga niet! — Dan ben je een lafaard! Speciaal voor

jou willen ze dat doen, ter eere van jou — Een laf ?

Als je gaat, ben je een lafaard! Dan ben je ontrouw geworden aan je goed voornemen, op den eersten dag al!"...

Trotzli wilde sommen maken, maar hij kon niet eens

5

Sluiten