Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wel vriendelijk zijn. Dan gaat hij er straks op de fiets wel even heen om verontschuldiging aan te bieden. Goede klanten moet je te vriend houden!

„Zeg kerel, jij kon die doos wel even voor me wegbrengen, 't Is toch vacantie, niet?" stelt hij vlug aan Hans voor.

„Ik moet voor moeder ook nog een boodschap doen," werpt Hans tegen.

„Ah, jij hebt jonge benen, dan draaf je straks maar wat harder.

En je moeder vindt het vast goed, dat je mij even helpt. Zeg maar bij den dokter, dat ik zelf gauw kom. Hier is al vast een dubbeltje voor de boodschap."

De bakker zegt het zo beslist en het dubbeltje ligt al op het deksel van de doos en voor Hans nog iets zeggen kan, heeft hij de doos al aangenomen, 't Deksel van de kar floept dicht en de bakker rijdt al weer.

,,'t Komt wel in orde, hè," zegt hij nog.

Daar staat Hans. Wat zit er voor hem ènders op, dan met de doos naar 't doktershuis te lopen? En hij moet voorzichtig lopen ook!

Als ze nu bij den dokter maar vlug helpen, dan is hij de doos op 't gauwst weer kwijt. Want moeder wacht ook.

Hans loopt al weer wat vlugger. Hij houdt de doos wat voor zich uit, dan stoot hij niet zo.

De bakker heeft niets gezegd van de egel en Kaatje zopas ook niet. Dus die is verdwenen zonder dat iemand 't gemerkt heeft. Gelukkig maar.

Als moeder nu straks maar niet boos is, omdat hij zo lang wegbleef, dan is alles nog best afgelopen.

Maar dat dubbeltje heeft hij toch eigenlijk niet verdiend, bedenkt hij ... .

De gracht ligt rustig in de Zomerzon, de bomenrij spiegelt er in terug.

De oude juffrouw met haar hondje komt weer thuis.

Een merel fluit héél even, van uit de hoge heesters in de tuin bij 't doktershuis.

Hans stapt de stoep op.

Als 't nu maar niet lang duurt, denkt hij. Blaft daar binnen een hond zo luid?

Dan drukt hij op de bel.

Rrrrrrrrringg!

Sluiten