Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Au!!" Dat stéékt. Ze voelt een prikje in haar vingertop.

„Au, moes, dat prikt daar zo," waarschuwt ze moeder.

Maar mevrouw heeft alle aandacht bij de nul op de schaalverdeling van 't keukenweegschaaltje. Ze kijkt niet op. Ze zegt alleen maar: „Lieve kindje, dat kan niet. Hoe zou 't daar in de kast nu kunnen prikken. Krijg de vorm maar gauw."

„Néé, moes, 't is heus. Ik prikte me."

Mientje buigt zich wat voorover. Ze tuurt heel scherp. Er komt een rimpel boven haar neus. Zit daar wat échter de puddingvorm ?

„Ja, moes, wérkelijk; daar zitten scherpe dingen, ik zié het."

Mientjes stem klinkt zó overtuigend, dat mevrouw en Kaatje beiden achterom kijken.

Mientjes ogen staan groot van verbazing.

„Daar zat wat, een prikding!"

Mevrouw lacht wat, maar ze voelt toch even met haar hand achter de puddingvorm.

„Htiüü!" roept ze dan ineens. Ze prikt zich. Er gaat even een rilling van afgrijzen door haar heen. Dat maakt, dat ze zo'n vreemd geluid uitstoot.

Mientje schrikt er zo van, dat ze luid begint te huilen.

Juup is met gretige belangstelling ineens vlék voor de kast gesprongen en Thor, de ongehoorzame Thor, staat ook plotseling in de keuken.

Mientje heeft haar moeder stijf bij de rok vast.

En dan .... plóf.... daar rolt een egel uit de kast.

Het dier is zeker in de ongewone omgeving onrustig geworden.

Waagde zich te ver aan de rand van de kastplank en verloor plotseling het evenwicht. De scherpe nageltjes krasten langs de gladde houten plankrand en tikken nu neer op 't glimmende vloerzeil.

Juup zet een hoge rug en blaast met een nijdig keelgeluid.

Thor begint als een woesteling te keer te gaan.

Mientje gilt van angst en mevrouw tracht tevergeefs de wilde Thor tot bedaren te brengen.

De egel heeft zich weer tot een ongenaakbare vesting ineen gerold. Maar toch schijnt hij in de war te zijn door al dat lawaai en 't onwennig aanvoelen van 't gladde zeil, want plotseling ontrolt hij zich en tippelt met een flink vaartje over de vloer. Net in de richting van Kaatje.

Düt wordt Kaatje te veel. Dat griezelige ding komt recht op haar af. Kaatje springt met een gilletje achteruit. Klèts, ze stoot met haar elleboog 't weegschaaltje van 't aanrecht, 't Rolt over de vloer.

Juup springt van schrik, met een dikke staart, tegen Mientjes been.

Mientje schrikt nog meer en nog stijver houdt ze moeder vast.

Sluiten