Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Kaatje vlucht haastig de gang in. Ze zet zo'n dwaas-benauwd gezicht, dat mevrouw, temidden van al de herrie, in lachen uitbarst.

Dat maakt Thor nóg wilder.

Bob en Bram komen haastig op hun korte beetjes aangetrippeld.

Een lijster, die net een liedje zou fluiten, vliegt verschrikt naar de bomenrij langs de gracht.

Kaatje staat helemaal bij de vóórdeur.

Op de vloermat: Daar is ze veilig.

Dan neemt mevrouw 't kussentje van de keukenstoel en slaat er Thor, zo hard ze kan, mee om z'n oren. „Wèg Thor. Vörrrt!"

Nu gevoelt Thor dan eindelijk dat het ernst wordt. Grommend en zijn kop schuddend loopt hij de gang in.

Hè, nu dat razende geblaf ophoudt is 't werkelijk stil geworden.

„Ziezo, daar knapt het van op," verzucht mevrouw.

„Rrrrrrrringgü"

„Oeh!" schrikt Kaatje en slaat haar armen in de lucht. Ze stond tegen de voordeur en nu rinkelt de electrische bel vlèk bij haar oor. Ze is nog overstuur van al dat rumoer en die griezelige egel. Nu schrikt ze van een gewoon belletje.

„Malle meid, doe niet zo dwaas," moet mevrouw al weer lachen.

Thor wil weer gaan blaffen, maar mevrouw gebiedt zó boos: „Koest, Thor!" dat hij zich stil houdt.

„Doe de deur dan toch open," zegt mevrouw tegen Kaatje, die helemaal in de war is.

Er staat een jongen voor de deur. Hij houdt een taartendoos voor zich uit.

„Asjeblieft, en de bakker komt straks zelf wel even," zegt hij haastig en hij duwt Kaatje de doos in haar handen. Hij wil al weer heengaan, maar dan bedenkt mevrouw, dat die jongen mooi even de egel uit de keuken kan jagen.

„Kom even hier, jö," roept ze.

„Zeg, mevrouw roept je. Kom even hier," waarschuwt Kaatje.

„Ik moet nog een boodschap voor moeder doen," zegt hij.

Maar dan is mevrouw zelf ook al in de deur gekomen.

„Zèg, wil jij even helpen?" vraagt ze haastig, maar vriendelijk. „Hoe héét je?"

„Hans, mevrouw," zegt hij.

„Nou Hans, jij bent zeker niet bang voor een egel, hè?"

Hans schrikt. Tóch die egel. Is het mevrouw bekend, dat hij er méér van weet? Hans heeft een gevoel of ze 't van zijn gezicht afleest.

Hij krijgt nog roder kleur dan hij al had en kijkt mevrouw verlegen aan.

Sluiten