Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Gebakjes!" zegt broer. „Had Hans gebakjes?"

„Stil jij, laat Hans nu vertellen," verbiedt vader.

,,'t Is me wat, hoor," zegt moeder. Ze begint al vast 't meegebrachte wittebrood te bereiden.

„Kon bakker Meelman dat zelf niet doen?" vraagt vader verder.

„Hij was niet thuis," zegt Hans dan.

„Ik snap er niets van. Waarom doe je zo benauwd, kerel.Als je den bakker en de doktersmevrouw geholpen hebt en nog een ritje in de auto gemaakt hebt, kun je toch wel anders doen. Ik zou tot aan de zolder toé gesprongen zijn, als ik een jongen was."

Vader zegt het wat heftig. Hans' verlegenheid wordt er nog groter door.

„Ja, vader. Nee vader," zegt hij dan.

„We gaan eerst eten en dan vertel je me maar rustig wat er gebeurd is. Een eerlijke jongen hoeft niet zo bang te doen," stelt vader vast. „Kom jongens, aan tafel."

't Eten smaakt Hans niet best. Waarom had hij ook zo vreemd gedaan. Hij hoefde immers niéts te vertellen van die egel. Niemand wist het. Als hij nu gewóón gedaan had, was 't vast nooit uitgekomen. Hij had het voor zichzelf veel moeilijker gemaakt.

't Is gezellig aan tafel. Vader en moeder doen weer heel gewoon. Ze lachen om Ger, die vertelt wat hij vanmorgen gespeeld heeft. Maar 't is net of Hans er buiten staat, vindt hij zelf. Stil eet hij z'n bord leeg. Als vader uit de Bijbel leest, dwalen zijn gedachten weer af.

Hij schrikt tot de werkelijkheid terug, als hij merkt, dat vader op 't laatste woordje wacht. Hij weet 't niet. Zus en Ger zeggen het vlot. En broer brabbelt ook wat.

Als vader nu maar niet wéér boos wordt.

Maar vader zegt niets en na 't dankgebed loopt hij met Hans

naar de voorkamer.

Vader steekt een sigaar op. Hij gaat gemakkelijk zitten. — Om half twee hoeft hij pas naar 't kantoor. — Dan kijkt hij Hans aan. Zijn ogen staan vriendelijk.

„Nou, mijn vent, vertel nu es eerlijk van begin af aan. Kom maar es dicht bij me staan. Vader vindt het fijn dat hij zijn grote jongen vertrouwen kan."

't Ontwapent Hans volkomen.

Zoeven bedacht hij nog een listig plan om zo gewoon mogelijk alles te zeggen, behalve dat, wat hij liever verzwijgen wou. Maar vaders vertrouwelijke vriendelijkheid maakt het hem onmogelijk.

En dan vertelt Hans eerlijk alles. Ook wat meester verteld had over helden en dat dokter hem nu óók nog een held genoemd had.

Sluiten