Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Nee, Mientje, jij mag niet antwoorden als ik Hans wat vraag," Zegt mevrouw.

Hans kleurt nog dieper.

Meteen komt Kaatje met haar emmer en dweil ook aanlopen en zegt: „Hij wou dokter wat vertellen, zei hij, zo doende kwam Mientje bij 'm."

„Dokter wat vertellen?" zegt mevrouw verschrikt. „Er is toch geen zieke of zo?"

Hans schudt verward néé.

Mevrouw merkt wel dat er iets anders is.

„Ga jullie nu es mooi spelen," zegt ze tegen Mientje en de tweeling. „En kom jij maar mee, Hans."

Even later, voor het eigenlijk goed tot hem is doorgedrongen, zit hij al op een laag stoeltje in een hoek van de tuinkamer. Mevrouw is doorgelopen naar binnen; ,,'k Kom zó hoor," heeft ze gezegd.

Wonderlijk. Hier heeft hij nu naar verlangd en nu ziet hij er toch tegen op. Wat zkl die vriendelijke mevrouw straks wel denken, als hij zijn streken vertellen gaat. 't Lijkt hem hier in die mooie tuinkamer alles nog veel erger toe.

Op 't kleedje in de hoek staat een mooie pauw geborduurd. Dicht bij hem staat een vaas met geweldige rieten pluimen.

Hij ziet het scherp en toch lijkt alles hem vreemd en veraf en zit hij gespannen 't geluid van mevrouws voetstappen af te wachten.

En dan is ze er zo ineens weer. Ze gaat in een stoeltje tegenover hem zitten. Een haakwerkje heeft ze in haar hand. Ze begint vaardig te haken en vraagt dan:

„Nou Hans, vertel nu maar eens wat je op je hart hebt."

„Ik had het gedaan, van die egel, mevrouw."

„Wèt van die egel?"

„Ik had hem in de kar gedaan."

„In de kir? Een kir? Ik begrijp er niets van, jó. Is er wat met die egel gebeurd?"

Ze ziet Hans' verlegenheid groter worden.

„Weet je wit, Hans? Je moet me es helemaal van 't begin af vertellen.

Vertel alles maar."

Ze gaat weer rustig zitten haken.

Hans ziet de stijfgetrokken draad om haar vinger en 't regelmatig pikken van de haakpen.

Mevrouw wacht stil.

Dan begint Hans te praten. Eerst nog wat aarzelend. Maar 't is vreemd, als hij bezig is, gaat 't hoe langer hoe gemakkelijker. En als mevrouw hem aankijkt met haar vriendelijke ogen, dan zou hij nóg wel meer willen vertellen.

Sluiten