Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK XXIV.

Van der Lijn s speurtocht en Piets berouw.

„Tjssssk-tjsssk," sliert de automatische ruitenwisser tegen de voorruit. Nu is 't nog begonnen te regenen ook. Met angstige aandacht tuurt Van der Lijn door het schoongehouden stukje voorruit. Zijn handen omklemmen het stuurrad. Wat schokt die taxi. 't Is een oude kèst, denkt hij.

Nu is 't nog begonnen te regenen ook.

Waar die jongen nu toch was! Die Roel was zó niet van hem af. Een onverschillig heerschap leek dat. Dat Piet nu graag in zó'n gezelschap was. Wat wist je toch weinig van je kinderen af.

Is 't eigenlijk niet dwaas om nu verder te rijden? denkt hij dan. Misschien was die jongen al lang met een andere auto gegaan. Met een vrachtrijder misschien. Stom dat hij daar niet even gevraagd had, hoe laat die zo ongeveer thuiskwam. En wat moest hij straks in de stad beginnen. Daar zou die jongen nu toch wel niet meer

Sluiten