Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Nu, je moet toch zoo gauw mogelijk zien naar huis te komen met Jantje!" zeide ze.

De jongens moesten haar nu de hand geven en de groeten van haar aan de huisgenooten overbrengen. Zoo scheidden zij van de goede vrouw.

Ditmaal namen de jongens niet den kortsten, maar wel den veiligsten weg. De koeien waren vrij wat langer alleen gebleven, dan de knapen wel gewenscht hadden. Nu Was daar echter niets meer aan te veranderen.

De zon was achter de wolken schuil gegaan. Een vochtige, kille wind blies uit het noorden over het veld. De natuur, zooeven nog vroolijk lachend, leek nu somber en vreugdeloos; de lucht was guur. De kleine Jan werd zeer bleek. Koude rillingen gingen hem door de leden. En hoe hij zijn korte beentjes oo<c reppen mocht, het wilde hem maar niet gelukken, om weer recht

warm te worden.

„Kom. eet nu nog eens een lekkere noot!" zei Gerrit, die deze verandering bij zijn kleinen vriend met bezorgdheid waarnam. Hij kraakte er een en gaf ze hem toen. Maar Jantje nam ze, o zoo lusteloos! aan en at ze op, meer om Gerrit genoegen te doen, dan omdat hij er rechten trek in had.

Zoo kwamen zij in de weide.

De koeien waren niet weggeloopen, gelijk de jongens gevreet hadden, dat zij zouden doen. Blijkbaar waren ze door het kreupelhout teruggehouden, want over de slooten, die de plek gronc van de naburige heidevelden afscheidden, zouden ze gemakkelijk

hebben kunnen heen springen.

Het verwonderde Gerrit echter al dadelijk, dat ze nu ni ;t meer vriendschappelijk nevens elkander liepen te grazen, maar dat Bonte met fier opgeheven kop heen en weder liep, verbazen groote oogen zette en geweldig snoof, terwijl Bles daarentegu. alle moeite deed om haar te ontwijken en, — gelijk Gerrit weldra bespeurde, — over haar geheele lichaam beefde.

„Dat is niet in den haak!" riep Gerrit verschrikt uit. ^ „Daar is'iets met Bles gebeurd! Kom ook eens zien, Hem!"

Bonte stoorde zich niet aan dit geroep. Zoo nu en dan hapte

Sluiten