Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VII.

Een strijd tusschen twee vriendinnen.

viT/flrirï za8en reeds, dat, toen de jongens hun beesten ver| 5 ra ijs1 lieten, Bonte al zeer ontevreden was op Bles, die het waagde te grazen op een plek, waar zij alleen meende

recht te hebben. Zij had haar ongenoegen reeds op verschillende manieren gelucht, doch zonder dat er aan den toestand een einde kwam. Dat kon zóó niet blijven doorgaan en daarom plaatste zij zich dreigend tegenover haar buurvrouw, die tot dusver een goede vriendin van haar geweest was, snoof op een zeer vijandige wijze en zwaaide zoo driftig met den kop, alsof ze de horens wilde afschudden.

Dat kon de aandacht van Bles niet ontgaan. Met groote, verwonderde oogen keek zij op, zag haar vriendin aan, die een dreigend gebrul liet hooren, met de achterpooten de aarde omhoogwierp den kop vooroverboog en de horens tot een hardnekkig gevecht vooruitstak.

Bles, die nog grooten trek had om wat te eten, schudde met den kop, alsof zij die teekenen van vreemde kuren afkeurde. Blijkbaar was zij van meening, dat het ongewone gedrag Tiarer buurvrouw aan speelschheid was toe te schrijven. Zij had intusschen geen den minsten trek om gekheid te maken: 't was immers zoo'n slechte tijd! Derhalve ging ze rustig met grazen voort, alsof er heelemaal geen Bonte bestond.

Dat was voor deze laatste om dol te worden. „Buurvrouw",

Sluiten