Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De vacantie was nu voorDij en net scnooigeDouw zag er weer frisch en vroolijk uit. De lokalen waren nieuw behangen, de banken geverfd, hier en daar stonden vazen met pasgeplukte bloemen, zoodat alles leeraressen, zoowel als kinderen, vol moed tegenblonk.

Vooral in het lokaal der laagste klasse zag het er aardig uit. Het was eene, niet al te groote, gezellige kamer, met uitzicht op den tuin; in het midden drie rijen van kleine, lage bankjes; aan den muur hingen gekleurde platen, in den hoek stond een groot telraam, daarboven hing een bordpapieren klok. Deze dingen waren het echter niet die de aandacht trokken, neen, het aardigst waren de bewoonstertjes, die voor het eerst haar intrede in de schoolwereld deden, die kleine krullebollen, die met nieuwsgierige, glinsterende oogjes al het nieuwe en vreemde in zich opnamen.

Op de voorste bank zaten twee blondjes, vroolijke, guitige gezichtjes, die zich al geheel „thuis" schenen te voelen en druk aan het babbelen waren. In de bank daarachter zat een klein, tenger meisje met een bleek gezichtje, waar een paar groote donkere oogen uitkeken; een buurmeisje had zij nog niet. Dan volgden nog twee bankjes: in elk daarvan zaten twee meisjes. Het was een aardig troepje om te zien; Juffrouw Stolle, die voor het klasje stond, sloeg het met pleizier gade. Zij was benieuwd, wat er al in die kleine hoofdjes zitten zou en wat voor verschillende karaktertjes zij zou leeren kennen.

Het sloeg negen uur; de groote bel in de gang luidde, ten teeken dat de lessen beginnen zouden.

Sluiten