Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niettegenstaande bleef Nanny stil op school, doch dat zou niet veranderen.

Zij behoorde niet tot die levendige, luidruchtige soort van kinderen, die, zoodra hen iets in de gedachte komt, dit dadelijk uiten, wat meestal juist hunne groote aantrekkelijkheid uitmaakt. Neen, Nanny was een stil, klein meisje, dat liever onder de les niet sprak dan wel; maar dat een paar groote, donkere oogen bezat; oogen, waaraan niets voorbij ging, die al wat ze zagen in zich opnamen. En het waren zulke oneindig schoone oogen!

Er zijn van die zachte, vragende kinderoogen, die men als het ware aan kan zien, dat ze niet oud zullen worden; het is alsof hun glans te helder schijnt voor de menschenwereld. Van die oogen vol uitdrukking, die als van den hemel schijnen gezonden om te troosten en met hun vriendelijken blik ieder bedroefd en somber menschenhart te verwarmen en op te beuren.

Zulke oogen bezat Nanny, en waar zij kon, daar troostte zij er mee op haar eigenaardige, stille kindermanier.

Sluiten