Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nanny, Ella en Frits vonden het heerlijk, om naar het hutje te gaan, en hunne vroolijke bezoeken waren Vrouw Panne's vreugde-uren.

Wanneer zij, uit de richting van Doorle, een zwart stipje op de hei aankomen zag, dan dacht zij al dadelijk: „Dat zullen de kinderen zijn!" En wanneer het stipje duidelijker werd, en zij den bokkenwagen van Huize „Rust" onderscheidde, dan liep ze vlug naar binnen en maakte haar kamertje heel netjes in orde en kamde Pollo's kroeskop nog wat op, want dan wist zij dat zij komen zouden. En ze haalde eieren uit het hok en maakte haar kacheltje aan om de koeken te bakken. En wanneer het wagentje al meer naderde, liep ze naar buiten, en wuifde en wenkte met de bruine, gerimpelde hand. De kinderen wuifden terug, Ella en Nanny kwamen op haar toegeloopen, terwijl Frits volgde in zijn equipage met Manus er naast. En gezellig zaten ze dan met elkaar voor de hut en lieten Polio kunstjes doen, luisterden naar een mooi verhaaltje van Vrouw Panne en smulden van de pannekoeken, die alleen zij zoo speciaal lekker klaarmaken kon. Kleine Nanny vond het 't prettigst wanneer Vrouw Panne verhaaltjes vertelde, terwijl Ella en Frits het liefst naar Pollo's kunstjes zagen. Hij kon er veel, zijn meesteres had ze hem geleerd en was er trotsch op om hem zijn geheel répertoire voor de kinderen te laten afwerken; tot belooning kreeg hij dan ook een groot stuk pannekoek.

Manus was altijd vol verbazing over Polio. Op den

Sluiten