Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

had haar dat vanmorgen nog gezegd, en moeder verheugde er zich zoo op, dat zij later voor goed thuis zou zijn en haar veel gezelschap houden zou. Die goede moeder! Maar Ella zag er toch wel een beetje tegen op, hoe zou zij er aan kunnen wennen om een dame te zijn! En zij draaide zich nog eenmaal om en wierp een laatsten blik op het stijve gebouw, dat de herinnering aan zooveel vermaak, guitige grappen en ondeugendheden, aan schoolblijfmiddagen en prettige lesuren, die zij zoo graag nog eens doormaken zou, in zich borg: al het genot van haar vroolijken, luchtigen schooltijd! En als echt schoolkind nog, met korten rok en los op den rug heen en weer bengelende vlecht, een boekenzeiltje onder den arm en een half leegen zuurtjeszak stekend uit den zak van haar mantel, zond zij de school haar laatsten, dankbaren afscheidsgroet, en zij vond het toch geen leelijk gebouw, zooals het nu verlaten stond op het vierkante plein, terwijl de zon op de gordijnlooze ramen

flikkerde.

„Het is toch wel jammer, hè, Nans, dat we er nu voor goed af zijn, dat we er nu nooit meer zitten en pleizier hebben en er alleen maar als groote dames voorbij wandelen zullen!" zei ze op spijtigen toon. Maar op Nanny, die zich gewoonlijk de zaken veel meer aantrok dan Ella, maakte dit geen indruk. Voor haar borg die school niets dan herinneringen aan „angstig zijn over het niet kennen van de les," akelige natuurkundelessen, onvoldoende cijfers op rapporten en hard tobben. Neen,

Sluiten