Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bewogen in die uitgaande kringen, zij was er geheel in thuis, had veel vriendinnen en voelde zich tevreden.

En toch was er eens een tijd geweest, waarin zij andere illusies, andere toekomstplannen had. Het was geweest toen zij als achttienjarig meisje van de kostschool thuis kwam, toen had het in haar jong hoofdje gewoeld van goede voornemens: zij wilde graag gaan studeeren, voor examens leeren; ja, wat wilde zij al niet!

Zij had haar leven willen wijden aan een doel; maar och, het was anders gegaan; haar vader had er niet van willen weten. Toen zij er eens met hem over sprak, had hij glimlachend het hoofd geschud en gezegd dat zij een meisje, een jongedame van goeden huize was; daaraan moest zij denken. En dat was de eerste en de eenige maal in haar leven geweest dat zij eens vertrouwelijk gepraat had met haar vader; daarna waagde zij het niet meer.

In dien tijd „stond" het nog in 't geheel niet en het kwam nog maar zelden voor, dat een meisje studeerde, en er kwamen personen, familieleden tusschen te staan, die er niets mee te maken hadden, maar het haar toch onmogelijk maakten om haar plannen door te zetten. En spoedig had zij zelf ingezien, dat het niet mogelijk en wel een beetje zot zou zijn, om die jongemeisjes-idealen ten uitvoer te brengen; zij had ze losgelaten, zij was rijk en mooi, rijkdom en schoonheid hadden haar een ander pad gewezen, en zonder nadenken, als een dartel kind, had zij zich daarop begeven. De balzaal had haar aangetrokken;

Sluiten