Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was in de kamer; toen stond ze langzaam op, deed de piano dicht en drentelde naar beneden.

De visite was vertrokken; in de kamer hing nog zoo'n warme nadamp van veel menschengepraat en beweeg.

Mevrouw Knozee, erg moe van het drukke bezoek, was naar haar kamer gegaan om vóór het eten nog wat te rusten; Ella met Kaatje bezig om meer plaats te vinden in de koffers, die te klein bleken voor het vele, dat ze mee wou nemen; Frits nog niet thuisgekomen.

Er hing een waas van ongezelligheid in de groote kamers, waar het gewoonlijk zoo vroolijk, zoo lachendblij was. Het was, als lag er een droeve druk op het oude huis, als treurde het, omdat het vroolijke kind er den volgenden dag voor geruimen tijd uit weggaan zou. En die druk bleef, den geheelen middag, aan tafel en den langen verderen avond. Voor het laatst zaten ze om de rustbank heen geschaard, ieder op zijn eigen vertrouwde plaatsje, zooals toen ze kinderen waren.

Nanny, Ella en Frits deden hun best om vroolijk te zijn, om niet te doen merken het klemmend, klimmend verdriet over het naderend afscheid, maar het lukte slecht, want allen voelden ze den wonderen weemoed over dat innige, dat scheiden ging voor langen tijd. Want zouden ze ooit weer zoo zitten bij elkaar? En wanneer het gebeurde, zou het dan nóg wel zoo innig en mooi zijn als nu?

Mevrouw Knozee zag op tegen het afscheid. Ella beloofde haar veel te schrijven, om den anderen dag als

Sluiten