Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die de metselaars zeker bij vergissing daar hadden laten liggen. Zij begon nu bitter te schreien en sprak : „Als -ik Hans mocht krijgen en er komt een kindje en het wordt groot en wij sturen het naar den kelder om bier te tappen, dan valt de beitel op het hoofd en slaat het dood. Zij bleef nu zitten jammeren en weeklagen over het door haar te wachten ongeluk.

Boven bleven de gasten maar steeds op het bier zitten wachten, doch de wijze Elza kwam maar niet. De vrouw zeide nu tot de dienstbode : „Ca eens naar den kelder en zie eens waar Elza blijft". De dienstmaagd ging heen en vond daar Elza zitten nog steeds schreiend. „Waarom weent gij zoo Elza" sprak de meid. „Ik heb wel alle reden om te schreien" sprak zij nu. „Als ik Hans tot man krijg en wij krijgen een kind en dit wordt groot en moet hier bier aftappen, dan zal die beitel haar op het hoofd vallen en slaat het dood".

De dienstmaagd sprak nu: „Elza! wat zijt gij toch wijs" ging ook bij haar zitten en schreide met haar mede. Na een tijd gewacht te hebben en daar geen van beiden terugkeerde en de drie menschen naar het bier verlangden sprak de man tot zijn knecht: „Jan ga eens naar beneden in den kelder en kijk eens waar Elza en de dienstbode blijven".

De knecht ging naar den kelder en daar zag hij de Wijze Elza en de dienstmeid samen schreien en vroeg toen : „Wat is de reden, dat gijlieden zoo weent".

„Ach !" sprak Elza, „zou ik niet weenen? Als ik

Sluiten