Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

varen gade aan haar lot over te laten; een daad, die des te schandelijker zou zijn, daar zij toch om zijnentwil al die ellende te verduren had. Maar het karakter van Van Loon was in geenen deele flauwhartig, en schoon sommige schrijvers hem ten laste leggen, dat hij zijn vrouw niet bemind heeft en hij haar slechts tot voldoening zijner eerzucht heeft genomen, zoo kan ik toch geenszins aannemen, dat hij reeds in de eerste dagen van hun huwelijk haar zoo onmannelijk en liefdeloos bejegend zou hebben. Misschien was de scheiding een onverwachte en ongewenschte voor beiden, doch door de noodzakelijkheid geboden. Er is evenwel nog een andere gissing naar de reden, waarom Adelheide met Van Loon oostwaarts en Ada westwaarts vluchtte. Waarom de beide eersten Utrecht verkozen, weten wij reeds, en hoogstwaarschijnlijk bestond er een staatkundige grond voor Ada's vlucht naar Leiden. Van Leiden toch had zich de partij van Van Loon meester gemaakt, kort nadat de burggraaf, Jacob Van Wassenaar, zich aan de zijde van Willem geschaard had, en nu was het immers raadzaam voor Ada, die in het oog van Lodewijks aanhang de wettige gravin van Holland was, zich op dat bolwerk harer macht te handhaven en de bezetting van den burcht door haar gevolg van ridders en knapen te steunen. Mij dunkt, dit laatste is zóó natuurlijk, dat wij dit veilig kunnen aannemen, en hierdoor zou dus een beschuldiging tegen Van Loon wegvallen.

Maar hoewel Ada op den burcht van Leiden zat, was zij daarom nog niet veilig. Wouter Van Egmond en Albert Banjaard, teleurgesteld, dat hun aanslag zoo deer-

Sluiten