Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hiermede niet tevreden drongen Wouter Van Egmond en Albert Banjaard door tot Muiden en Weesp, verbrandden die beide steden, kwamen zelfs tot Breukelen en keerden vervolgens, met rijken buit beladen, naar Kennemerland terug V

„Daarover zal de bisschop niet tevreden geweest zijn," zeide Van Teilingen schertsend.

vIn geenen deele. Hij had immers met onze geschillen niets te maken, en daar Gijsbrecht Van Amstel zijn leenman is, ben ik bevreesd, dat hij zich hierover op ons zal wreken en eerstdaags de schans bij Boskoop zal aantasten."

„Maar Floris, de domproost, zal immers wel op zijn hoede wezen!" zeide Van Teilingen.

„Misschien, doch hij is niet opgewassen tegen de sluwheid van den geestelijken heer, die gewis reeds wijd en zijd zijn verspieders heeft rondgezonden, om de sterkte der Hollandsche benden en die der schansen te weten te komen, en geloof mij, Van Teilingen, als hij kans ziet, Holland te vernederen, dan laat hij het niet, al ware het slechts, om Bodegraven en Zwammerdam te hernemen, die Dirk III zijn voorganger, Bisschop Adelbold, heeft ontweldigd. De geestelijke heeren vergeten nooit geleden schade, en als het, in hun oog, een geschikte tijd is, nemen zij wedervergelding."

Velen zijn van meening, dat het slot gestaan heeft op den Nieuwendijk te Amsterdam, niet ver van den Dam. Die hiervan iets meer wil weten, leze: Isaac Le Long, Hist. beschrijving van de Reformatie der stad Amsterdam, bladz. 109 en vervolgens.

') Zie Melis Stoke B. III, bladz. 14-15.

Sluiten