Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Heer Gerard Van Haarlem had gelijk, en het was volkomen waar, dat Graaf Willem met zijn getrouwe Zeeuwen in aantocht was, en Wouter Van Egmond met Albert Banjaard de Kennemers tegen Van Loon aanvoerde. Maar evenals eenige maanden te voren de goede plannen en berekeningen van Graaf Willem in duigein vielen door onvoorzichtigheid, ja zelfs roekeloosheid van Willem van Egmond, zoo zou ook thans Graaf Willem dezelfde smartelijke ondervinding opdoen.

Zoodra hem de afval der Zeeuwen bekend werd en hij hun vernieuwde huldiging had aangenomen, zond Graaf Willem aan Wouter Van Egmond de opdracht, om met. zooveel macht van schepen en krijgsvolk, als hij kon verzamelen, naar Leiden op te trekken, doch zich in geen gevecht met Van Loon in te laten, voordat hij, Graaf Willem met zijn benden op den bepaalden dag uit Zeeland zou gekomen z ij n. Egmond voerde dien last uit en, getrouwelijk bijgestaan door Filips Van Wassenaar en Willem Van Teilingen, verschanste hij zich te Leiden, met het doel om aan Van Loon den doortocht te beletten, als deze door Graaf Willem van de zuidzijde mocht worden aangetast. Van Loon evenwel, die nu door Gerard Van Haarlem van Graaf Willems plannen onderricht was, besluit — wat zeer verstandig was — om niet de aankomst van de Zeeuwen af te wachten, maar tast terstond de bolwerken der Kennemers aan, dempt de grachten met korenschooven, puin en takkenbossen, en stormt op zijn vijand los. Hierdoor worden de Kennemers verbolgen, en niettegenstaande het bevel van Graaf Willem, vallen zij

Sluiten