Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan vol heelt en zich onmogelijk met Dirk kan bemoeien. Daarom vraagt ze, of wij hem een paar weken kunnen hebben."

„Als t u maar niet te druk is, moedertje!" zei Bertha op bezorgden toon. „U bent nog niet eens geheel beter."

„Och, mij scheelt eigenlijk niets meer; de warme kruik met een 111 heet water uitgewrongen baaien doek er omheen heeft mij bijzonder veel goed gedaan. Als je die van avond nog eens voor mij klaarmaakt, weet ik morgen van niets meer, wed ik. Maar is het jou niet te lastig met je lessen en je werk, dat Dirk hier komt? Ik zou 't anders graag willen."

„Ik kan mij ook wel wat met hem bemoeien, mama," zei Benno. „Maar hoe komt het jonge mensch hier? Het kereltje is met zijn zeven jaar kordaat genoeg, om de reis alleen te doen; maar dat zullen Lien en haar man toch niet willen hebben."

„Zij schrijft, dat morgen toevallig de notaris in de stad moet zijn en hem wel wil meenemen. Zij is alleen maar bang, dat het voor ons wat overhaast is."

„Och, dat kan nu eenmaal niet anders, en hoe eerder hij daar vandaan is, hoe beter voor allemaal," merkte Bertha op. „Ik begrijp best, dat Lien geen rust of duur heeft, als Dirk langer uitblijft dan gewoonlijk, en met zijn liefhebberij voor omzwervingen zal dat, nu er niet zoo op hem gelet kan worden, natuurlijk telkens voorkomen. Moet zij nog antwoord hebben? Daar is haast geen tijd meer voor."

„Zij verzoekt ons haar te telegrafeeren."

„Dat kan ik dan wel even doen, als ik weer naar 't kantoor ga," bood Benno aan.

Benno haastte zich dien morgen meer dan anders met het

tweede ontbijt; hij wilde nog even met Polio uit. Het dier

sprong tegen hem op, toen hij vroeg; „Gaat het hondje mee uit?"

- aar voor de trap bleef Polio angstig staan en trippelde daarna snel achteruit.

„Ja, jongen, daar helpt niets aan; in je nieuwe kosthuis moet ]<> trappenkhmmen leeren. Kom, probeer maar eens, dan ben je een beste hond!" vleide Benno.

Sluiten