Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Ben je er weer?" vroeg hij blij. Maar toen werd hij door een hoestbui overvallen.

„Ben je erg ziek?" vroeg Dirk.

„Neen; de mazelen zijn al een poosje over; ik moet alleen nog maar wat hoesten. Als 't maar mooi weer was, mocht ik

wel uit, zei dokter. Maar eerst moet de sneeuw weg zijn; want koude voeten krijgen mag ik niet. Wat heb je daar?"

Dirk deed den zak open, grabbelde er diep in en haalde er eindelijk een wit borstplaatje uit.

„Hier, proef eens! Vind je 't niet lekker?"

„Hm, heerlijk, hoor!"

„Kijk, hier is ook een roode, en een bruine, en dan nog een. gele. Wacht, er zijn nog meer. En dan heb ik nog een stuk of wat pralines."

„Wat?" vroeg Jan, die dat woord nooit gehoord en de dingen nog veel minder gezien of geproefd had.

Dirk hield er een tusschen duim en wijsvinger in de hoogte.

„Dat lijkt op chocola," zei .Tan met een begeerigen blik.

Sluiten