Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Zoo, zoo, wist gij dat?" vroeg Tante Chloé, hem den dampenden koek op zijn bord leggende; gij wist dat Tante Chloé het beste voor u sparen zou."

En met deze woorden gaf Tante Chloé hem een tikje met den vinger op de wangen, wat ongemeene vroolijkheid beteekenen moest, en keerde daarna haastig naar hare bakkerij terug.

„Nu aan de koek!" zeide George, en zwaaide daarbij met een groot mes er over heen.

„O, bewaar mij, massa George!" riep Tante Chloé uit, hem ernstig bij den arm vattende; „gij moet niet met dat groote mes aansnijden. Gij zoudt hem geheel doen inzakken en al mijn werk bederven. Zie, hier is een oud, dun mes, dat ik daarvoor alleen bewaar. Ziedaar, het gaat er door als een veer. Kom, eet nu — gij zoudt ander niets krijgen!"

„Tom Lincoln zegt," merkte George met een vollen mond aan, „dat hun Jenny veel beter koken kan dan gij."

„Hm, die Lincolns zouden wat!" zei Tante Chloé verachtelijk. „Zij zijn niets, als zij met ons vergeleken worden. Zij zijn wel goede beste menschen; maar om iets fatsoenlijks te doen daarvan hebben ze geen begrip. Ja, ja, zet massa Lincoln eens naast massaShelby. Och Heer! en dan missis Lincoln! — Wie kan eene kamer beter in orde brengen dan mijn mevrouw? Kom, kom, spreek mij niet van die Lincolns," en Tante Chloé schudde het hoofd als iemand die meent iets van de wereld te weten.

„Maar ik meende u toch te hebben hooren zeggen," hernam George, „dat Jenny vrij goed koken kan."

„Ja, dat zeide ik," verklaarde Tante Chloé; ik heb gezegd, eenvoudig, gewoon koken, dat zal Jenny wel kunnen; zij kan een goed brood bakken, maar haar korenkoeken zijn niet veel bijzonders, behalve dat zij vet zijn; maar, Heer, begin met iets anders — wat kan zij dan doen? Nu ja, pasteien, die maakt zij; maar wat voor korsten! Kan

Sluiten