Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Neen, waarlijk niet, Oom Tom, want ik weet, dat je mij altijd goeden raad hebt gegeven."

„Ik ben ouder dan gij," zeide Oom Tom, den knaap met zijn groote hand over de fraaie, krullende lokken strijkende, terwijl zijn stem week werd als die van een vrouw, „en ik zie, dat gij zoo veel voorrechten bezit. O, jongeheer George, gij hebt zooveel voor bij anderen; gij hebt onderwijs gehad, gij kunt lezen en schrijven, gij zult een groot, geleerd en goed man worden, en uwe ouders en allen zullen trotsch op u wezen. Word een goed mensch zooals uw vader, en een Christen gelijk uw moeder is. Gedenk aan uw Schepper in de dagen uwer jeugd, massa George."

„Ik wil goed zijn, Oom, dat beloof ik je," verzekerde George. „Ik zal een braaf mensch trachten te worden, en jij, Oom Tom, moet den moed niet laten zinken; ik zal zorgen, dat je spoedig terugkeert. Ik heb aan Tante Chloé beloofd, dat ik haar hut opnieuw zal laten opbouwen, en dan zal je een afzonderlijk kamertje hebben, met een tapijt en al, zoodra ik maar groot geworden ben. O, je zult nog goede tijden beleven!"

Haley kwam nu met de boeien buiten de deur.

„Hoor eens, mijnheer," zeide George, terwijl hij met een voorkomen van gezag opstond, „ik zal het aan vader en moeder vertellen, hoe gij Oom Tom behandelt."

„Welnu, doe het," antwoordde de slavenhandelaar.

„Mij dunkt, gij moest u schamen, dat gij geheel uw leven doorbrengt met het verkoopen en in kluisters slaan van mannen en vrouwen, alsof het wilde beesten zijn. Mij dunkt, gij moest gevoelen hoe schandelijk dat is," vervolgde George.

„Zoo lang als gij, voorname lieden, mannen en vrouwen koopen wilt, ben ik even goed als gij," zeide Haley, „want het is niet slechter te verkoopen dan te koopen."

„Ik zal geen van beide doen als ik een man geworden

OOM TOM. 4:

Sluiten