Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het ingaf; en van dien tijd af werden al de woorden mijner moeder in den wind geslagen. Maar wat mij betreft, zij waren tot diep in het binnenste mijns harten doorgedrongen. Nooit liet zij rechtstreeks eenige aanmerking hooren op hetgeen mijn vader zeide, of scheen zij met hem van gevoelen te verschillen, maar met al de kracht en al het vuur van haar zachte, ernstige natuur poogde zij mij een verheven denkbeeld in te boezemen van de waarde en de bestemming van iedere menschelijke ziel, hoe laag dan ook door anderen soms geschat. Met diep ontzag keek ik haar in het gelaat, wanneer zij mij 's avonds naar de sterren aan den hemel wees en zeide: „Zie, August, de armste, de meest verachte ziel op onze goederen zal nog leven, wanneer al die heerlijke sterren voor eeuwig in het niet verzonken zullen zijn; zij zullen leven zoo lang God leeft."

„Op haar kamer hingen eenige oude, maar voortreffelijke schilderijen; een daarvan, die steeds in bizondere mate mijn aandacht trok, stelde den Heere Jezus voor, een blinde het gezicht wedergevende. Groot was de indruk, dien ze op mij maakte. „Zie Augustinus," zeide mijn moeder, „de blinde man was een bedelaar, arm en veracht; maar daarom wilde Hij hem toch niet in de verte genezen. Hij riep hem tot zich en legde hem de handen op! Denk daaraan toch altijd, mijn zoon!" Ware mij het geluk te beurt gevallen, om onder haar zorgvuldige hoede op te groeien, o, welk een ander, beter mensch zou ik misschien geworden zijn; maar, helaas, ik moest haar verlaten toen ik nog maar veertien jaar oud was, en nooit mocht ik haar wederzien!"

St. Clare liet het hoofd op zijn handen zinken en zweeg eenige oogenblikken. Na een poos sloeg hij de oogen op en vervolgde:

„Toen mijn vader stierf, liet hij zijn goederen na aan mijn tweelingbroeder en mij, om die te verdeelen zooals

Sluiten