Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voorkomen, die de kindsheid omgeeft, gelijk de kleuren eener regenboog. Als hij zich 's morgens naar de markt begaf, waren zijn oogen altijd het eerst op de bloemenstalletjes gevestigd, om een bloemruiker van de zeldzaamste soort voor haar bijeen te zoeken, en ongemerkt gleden de schoonste perziken en sinaasappels in zijn zak, om Eva daarmede bij zijn terugkomst te verrassen; en de grootste vreugde, die hij verlangde, was Eva's bevallig hoofdje te zien, als het hem reeds van verre door de poort tegengluurde, en geen woorden klonken hem zoo liefelijk, als haar kinderlijke vraag: „Wel, Oom Tom,wat heb je vandaag nu weer meegebracht?"

Maar Eva was op haar beurt ook niet traag om zich dankbaar te toonen voor deze kleine, maar daarom toch van harte gemeende vriendschapsbewijzen. Ofschoon nog een kind, was zij uitmuntend bedreven in de kunst van van lezen; een fijn, muzikaal gehoor, een levendige, dichterlijke verbeelding en een aangeboren gevoel voor al wat groot en edel is, stelden haar in staat om den Bijbel op een wijze te lezen, zooals Tom nog nooit had gehoord. In het eerst las zij den Bijbel alleen maar om haar nederigen vriend genoegen te doen; maar weldra voelde haar ernstige natuur zich getrokken, en verlangde zij zelve naar nadere kennismaking met het gewijde boek, en Eva kreeg het lief, omdat het zulke vreemde begeerten bij haar opwekte en zulke zonderlinge, onbestemde gevoelens deed ontstaan, gelijk dit bij kinderen met veel gevoel en fantasie pleegt te zijn.

Het meest bevielen haar de schriften der profeten en het boek der Openbaring, welker duistere en wonderbare beeldspraak en gloeiende taal zoo veel te dieper indruk op haar maakten, hoe minder zij den zin er van begreep, terwijl zij en haar eenvoudige vriend, het groote en het kleine kind, er evenveel smaak in vonden. Alles wat zij wisten was, dat er gesproken werd van een heerlijkheid,

Sluiten