Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Maar met Eva is het toch anders?"

„Ja; maar zij is ook zoo liefdevol in alles! En toch, het is niet meer dan Christelijk," hernam juffrouw Ophelia; „hoe gaarne was ik ook als zij! Zij kan mij nog les geven!"

„Het zou de eerste maal niet zijn, dat een kind een meer bejaarde onderwees," antwoordde St. Clare veelbeteekenend.

HOOFDSTUK XVII.

DE DOOD.

Eva's slaapkamer was een ruim vertrek, dat, evenals alle andere van het huis op de breede veranda uitkwam. Zij was aan de eene zijde verbonden met die van haar ouders, aan de andere met die van juffrouw Ophelia. St. Clare had volgens zijn eigen oog en smaak dit vertrek op een wijze laten meubeleeren, die zichtbaar strookte met het karakter van haar, voor wie het bestemd was. De vensters waren behangen met rozeroode en witte mousselinen gordijnen; de vloer belegd met een mat, die in Parijs naar zijn eigen teekening was vervaardigd, met een rand van rozenknoppen en bladeren in het rond, en een bouquet van bloeiende rozen in het midden. Het ledikant, de stoelen en rustbanken waren van bamboes naar bevallige en sierlijke modellen gemaakt. Aan het hoofdeind van het ledikant was een albasten voetstuk, waarop een schoon gebeeldhouwde engel stond met neerhangende vleugels en een krans van mirtebladeren in de hand. Lichte rooskleurige gordijnen met zilveren strepen hingen er omheen en boden beschutting aan tegen de aanvallen der mus-

Sluiten