Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een schoonere en betere is dan deze, namelijk die, waar Jezus is. Ik ga daarheen en ook gij kunt daar komen: zij is zoo goed voor u als voor mij bereikbaar. Maar indien gij daar heen wilt gaan, moet gij geen lui, zorgeloos, onbedachtzaam leven leiden; gij moet Christenen worden. Gij moet geen van allen vergeten, dat gij engelen kunt worden, engelen voor de eeuwigheid. Indien gij Christenen worden wilt, zal de Heer Jezus u helpen. Gij moet tot Hem bidden; gij moet lezen ..."

Hier hield het kind op: medelijdend zag zij allen aan en vervolgde op bedrukten toon:

„Och, Heer, gijlieden kunt immers niet lezen! Arme zielen!" vervolgde zij, terwijl zij snikkende haar hoofd in de kussens verborg, toen menige onderdrukte zucht van hen, die haar omringden en op den grond geknield waren

haar oor bereikte.

„Maar houdt moed, mijne vrienden!" zeide zij, haar gelaat weer opheiïende en vriendelijk te midden van haar tranen glimlachende. „Ik heb voor u gebeden, en ik weet, dat de Heer Jezus u zal helpen, zelfs indien gij niet kunt lezen. Tracht allen zooveel mogelijk uw best te doen; bidt iederen dag, dat de Heer u helpe, en laat u den Bijbel voorlezen zoo dikwijls dit geschieden kan, dan hoop ik, dat wij elkander in den Hemel zullen wederzien!"

„Amen!" was het halfluide antwoord, uitgesproken door de lippen van Tom en Mammy en eenige der oudere bedienden, die tot de Methodistische Kerk behoorden. De jongere en minder nadenkenden, die voor het oogenblik geheel door hun gevoel overweldigd waren, zaten te snikken en met de hoofden op de knieën gebogen.

„Ik weet, zeide zij, dat gij mij allen lief hebt."

„Ja, o ja, wij hebben u waarlijk lief. De Heer zegene

u!" was het antwoord van allen.

,,Ja, ik weet dit. Er is niet een onder ulieden, die niet altijd vriendelijk jegens mij is geweest, en ik wil u daarom

Sluiten