Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door geen mensch oprecht en in waarheid kan worden beleden, zonder dat hij zich met al de kracht van zijn bestaan verzet tegen het afschuwelijk onrechtvaardig stelsel, dat de grondslag is van onze hedendaagsche maatschappij, en, waar dit noodig mocht wezen, zich in den strijd daartegen op te offeren. Buiten dit, geloof ik dat het stellig onmogelijk is om Christen te zijn, ofschoon ik met vele verlichte en Christelijke mannen heb verkeerd, die zich daaromtrent niet erg bekommerden, en ik beken, dat de afkeer van vele godsdienstige menschen van dit onderwerp, hun gebrek aan begrip van het onrecht, dat mijn hart met ontzetting vervult, mij meer dan eenig ander ding tot twijfel hebben doen overhellen."

„Maar waarom handeldet ge dan niet, daar ge al deze dingen kendet en voeldet?" vroeg juffrouw Ophelia.

„Och, omdat ik niets bezat dan die zekere soort van welwillendheid, die zich vergenoegt met op een sofa te liggen en de kerk en de geestelijkheid te verwenschen, omdat zij geen martelaren en belijders willen worden. Ge ziet, waarde nicht, hoe gemakkelijk het is om te bepalen, op welke wijze anderen martelaren behooren te zijn."

„Welnu, zijt gij thans voornemens, om op een andere wijze te gaan handelen?" vroeg Ophelia.

„God alleen kent de toekomst," zeide St. Clare. „Ik ben moediger dan ik was, omdat ik alles verloren heb, en hij die niets meer te verliezen heeft, durft ook alles wagen."

„En wat zijt gij dan van plan te doen?"

„Mijn plicht zoo ik hoop, jegens de armen en nederigen naar de wereld, voor zoover dit in mijn vermogen is," antwoordde St. Clare; „en daartoe zal ik beginnen met mijn eigen bedienden, voor wie ik tot nog toe niets heb gedaan, en misschien zal het later blijken, dat ik iets voor de geheele klasse kan doen, iets om mijn land te redden van de schande, waarin het nu staat tegenover alle beschaafde natiën der wereld."

Sluiten