Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

terug™84 bedrukte gezichten de bewijzen hunner vrijheid

„Wij begeeren niet vrijer te wezen dan wij nu ziin " nepen zij uit. J '

„Wij hebben alles wat wij behoeven. Wij willen dit hms niet verlaten, noch missis en al de overigen "

„Mijn goede vrienden," zeide George, nadat het hem met eenige moeite gelukt was om de rust te herstellen, „het is ook met noodzakelijk, dat gij mij gaat verlaten.

,zlJn hier nu n°g evenveel handen noodig om te werken als vroeger; wij hebben nog evenveel behoefte aan uw hulp. Maar gij zijt nu vrije mannen en vrije vrouwen Ik zal u voor uw werk een behoorlijk loon betalen' zooals wij met elkander zullen overeenkomen. Het voordeel,dat gij van uw vrijheid hebt, is, dat wanneer ik in schulden geraak of kom te sterven, men u niet kan nemen en aan anderen verkoopen-en men weet immers niet, wat gebeuren kan. Ik ben voornemens, op denzelfden voet voort te leven, en u te leeren, wat u misschien eenige moeite kosten zal, op welke wijze gij namelijk de rechten behoort te gebruiken, die ik u als vrije mannen en vrije vrouwen geschonken heb. Ik verwacht, dat gij goed en braaf zult wezen en gewillig om te leeren, en ik hoop met Gods hulp getrouw te zijn en in staat om u terecht te wijzen. En nu, mijn vrienden, het oog omhoog gericht en God gedankt voor den zegen der vrijheid."

Een oude, eerwaardige neger, die in het huis grijs en blind was geworden, stond nu op, hief zijn bevende handen omhoog en zeide eerbiedig en aangedaan: „Laat ons den Heere danken!" En allen knielden als bij afspraak neder, en een roerender en hartelijker dankzegging steeg

zeker nimmer ten hemel, dan uit dit eerlijke, oude hart oprees.

Een ander hief, nadat zij allen waren opgestaan, een tweede lofzang aan, waarvan het refrein was:

Sluiten