Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar nog was de maat niet vol. *) Het pakkend antwoord van de Transvaalsche regeering op al <le genoemde grieven niet kunnende weeileggen, kwam Chamberlain thans met de politieke rechten der uitlanders aandragen en eischte gelijke politieke rechten voor alle blanken zonder onderscheid, en zulks, niettegenstaande de Conventie van Londen slechts gewag maakte van burgerlijke-, niet van burgerschapsrechten. Het was andermaal een daad van de schandelijkste willekeur der Britsche staatkunde. En toch is de heer Kruger er niet voor teruggedeinsd, in persoon naar Bloemfontein te reizen, teneinde met den Hoogen Commissaris de stemrecht-kwestie tot een gewenschte oplossing te brengen. Die oplossing scheen gevonden, toen het Britsche Gouvernement verklaarde voldaan te zijn, als het stemrecht vijf jaar na de naturalisatie verleend werd en de Goudvelden één vierde van het getal der leden van den Volksraad zouden kiezen ; geschillen zouden in het vervolg door arbitrage worden vereffend en de Suzereiniteitsrechten zouden vervallen. Toen de regeering te Pretoria, ten einde raad, zich hiertoe bereid verklaarde, trok Engeland evenwel de voorwaarde betreffende het afstand doen van de Suzereiniteit weer in. De Transvaalsche regeering deed nog een laatsten stap, door1 aan te dringen op gezamenlijk onderzoek. Het Britsche Gouvernement antwoordde daarop uit de hoogte, dat het daartoe te laat was. Zoo moesten dan opnieuw de wapens beslissen en begon in October van het vorige jaar een oorlog, zóó bloedig en moorddadig, als Zuid-Afrika er nog geen heeft aanschouwd.

Ziedaar de politieke toestand van het land van Kruger en Steijn in het jaar UX)0. Gedurende de laatste jaren is het lot van dat schoone land steeds hachelijker geworden. Het cordon van roofdieren is in de jongste tien jaren steeds nauwer en nauwer rondom het dappere Boerenvolk getrokken. Gelijk de gewonde hinde de nadering van den aasvogel ontwaart, die in steeds nauwere kringen zijn prooi bedreigt, zoo ziet zich ook het volk van Kruger en Steijn over geheel Zuid-Afrika omsingeld door de list, de wraakzucht, den haat en de hebzucht zijner vijanden. Elke zee der wereld wordt gekliefd door de schepen, die uit alle hoeken van den aardbodem Britsche troepen aanbrengen, om dit handje volks te verpletteren. Zelfs Xeixes, met zijn millioenen tegen het kleine Griekenland optrekkend, geeft de verwonderde menschheid geen ijselijker tooneel te aanschouwen dan deze zachtzinnige moeder der volkeren, die — een wolfin schaaps-

1) Van Oordt. Paul Kruger on (le Opkomst van de Zuidairikaansche Republiek.