is toegevoegd aan uw favorieten.

Bijdrage tot de kennis van de vegetatieve celdeling bij de hogere planten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

levend en van gefixeerd materiaal tot zijn resultaten komt, de litteratuur, welke betrekking heeft op de celdeling, waargenomen aan levende planten afzonderlik te behandelen. Ik zal daarbij en ook in het gedeelte van dit overzicht, hetwelk zich bezig houdt met de litteratuur over de celdeling, waargenomen aan gefixeerd materiaal, de verbindingsdraden en de celplaat afzonderlik beschouwen.

Onze kennis van de plantencel — en dit geldt evenzeer voor de dierlike — is, voor verreweg het grootste deel, het resultaat van de bestudering van gefixeerd materiaal. Dat er zo weinig waarnemingen gedaan zijn aan le\ende cellen van hogere planten, is, hoezeer ook te betreuren, toch wel begrijpelik, als we in aanmerking nemen, hoe moeilik het is, geschikt materiaal te krijgen, en hoe weinig differentiëring het levende protoplasma, met onze tegenwoordige optiese hulpmiddelen beschouwd, te zien geeft, waardoor het onderzoek daarvan niet veel resultaten' belooft. Dat echter, indien men daartoe geschikt materiaal heeft gevonden, de studie van de levende cel nog veel kan opleveren, wat aan het gefixeerde materiaal niet zichtbaar is, bewijzen wel de onderzoekingen \an Van Wisselingh1) e. a. over Spirogyra.

A. LEVEND MATERIAAL.

Beschouwen we tans eerst de litteratuur, welke betiekking heeft op de waarnemingen van de celdeling bij levend materiaal van hogere planten — d. w. z. van de nietThallopyten — met inbegrip van de Characeeën. Deze omvat de resultaten van slechts drie belangrijke onderzoekingen, n.1. de reeds genoemde van Treub, die \an

i) Zie C. van Wisselingh. Zur Physiologie der SpiroyyrazetiG. Beih. z. Bot. Centralbl, Bd. 21, 1908 en de aldaar geciteerde litteratuur.