Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Er bleek verder, dat na de invoering van het salvarsaan èn de incubatietijd èn de vorm der ziekte gewijzigd zijn. De gevallen met een lange incubatietijd moeten natuurlijk in de statistiek ontbreken, daarvoor wordt het salvarsaan nog niet lang genoeg gebruikt. Maar een ophooping der gevallen van vroege syphilis, dus een verschuiving naar links was onmiskenbaar. Van de 29 gevallen, die met kwik en salvarsaan behandeld waren, hadden 15 een incubatie van l/2 jaar, en van de 8, die met salvarsaan alleen behandeld waren, 4, dus voor beide ongeveer 50 pCt.

Vooral de te kleine hoeveelheden salvarsaan, in het bijzonder als ze zonder kwik worden gegeven, geven vroege cerebrale verschijnselen. Vooral in het secundaire tijdperk is de toepassing van het salvarsaan alleen of in subtherapeutische dosis gegeven, gevaarlijk. Of de lues cerebri na de invoering van het salvarsaan ook absoluut is toegenomen, laat zich niet beoordeelen; het schijnt nog van niet. Maar de vroege syphilis is toegenomen en er wordt meer meningitis en minder arteriitis gezien. Gelukkig dat Pette er bijvoegen kon, dat alle gevallen volgens ons tegenwoordig inzicht met onvoldoende hoeveelheden salvarsaan of wel zeer onregelmatig waren behandeld.

Men kan dus de volgende fouten tegen de methode begaan:

1°. subtherapeutische doses geven;

2°. met onregelmatige tusschenpoozen behandelen en

3°. de pauze tusschen de le en 2e kuur te lang maken.

Pette stelt nu de volgende gedragslijn op. In het primaire tijdperk kan men salvarsaan alleen geven als men voldoend groote dosis gebruikt, dus minstens 4 gram neosalvarsaan, in doses van 450—600 mgr., met tusschenpoozen van 5—7 dagen; deze kuur kan de syphilis genezen, kleinere kuren kunnen het voortwoekeren der spirochaeten bevorderen.

In het secundaire tijdperk zijn deze doses niet voldoende, zoodat men hier behalve salvarsaan ook kwik moet geven; de enkele en geheele hoeveelheid salvarsaan behoort dezelfde te zijn als in het primaire tijdperk.

De tusschenpoos tusschen de le en 2e kuur mag niet langer dan 3 maanden zijn, een half jaar is zeker te lang.

Met Neisser, Gennerich, Hoffmann, Arning en Nonne is Pette dus accoord: liever geen salvarsaan dan in te kleine dosis.

Deze gevolgtrekkingen en vorderingen van Pette heb ik met groote belangstelling gelezen, omdat ik dezelfde gedragslijn als hij eischt pleeg te volgen, met dit verschil, dat door mij ook in het primaire tijdperk steeds naast het salvarsaan kwik wordt gegeven

Sluiten