Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TWEEDE HOOFDSTUK.

„Die Diagnose ist eine künstlerische und natunvissenschaftliche Leistung."

(Nothnagel).

In zijn inleiding over de studie van het centrale zenuwstelsel schrijft van Gehuchten de volgende ware woorden: „L'anatomie et la physiologie normales forment la base sur laquelle doit s'élever tout 1'edifice des etudes médicales". Ofschoon nu de som van positieve kennis, welke in het vorig hoofdstuk heel in het kort is besproken, niet onbelangrijk genoemd mag worden, toch, tot op den dag van heden is er een schrijnend wanverhoudcn blijven bestaan tusschen die kennis en de klinische symptomatologie. Een wanverhouding welke Korte uitdrukte in „Mit der Diagnostik sieht es iibel aus", en nog in 1904, een zestal jaren nadien, leerde ook Opie over de chronische pancreatitis: „Disease of the pancreas is rarely recognised during life". Al even ontmoedigend waren de woorden van Pel, in 1914 op het 14e Natuur- en Geneeskundig congres geuit; „de pancreasdiagnostiek behoort tot de allermoeilijkste problemen der interne kliniek".

Gezien de anatomische en physiologische verhoudingen van het zoo diep verborgen liggende orgaan behoeven ons dergelijke uitlatingen niet al te zeer verwonderen. Denken wij bijv. alleen maar eens aan de betrekking welke er bestaat tusschen galsteenaanvallen en een pancreatitis, tusschen een gastro-intestinale katarrh en ontsteking van de galwegen en die van de gangen van het pancreas; tusschen een zweer of gezwel van de maag en hun uitbreiding op het pancreas; tusschen de lever, het colon, de lymphklieren, den twaalfvingerigen darm en aan-

Sluiten