Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

diagnostisch kunnen valt. Een meer eenvoudig, niet al te gedetailleerd systeem, waarvan elk onderdeel zooveel mogelijk onder het diagnosticeerbare valt, is voor een klinisch overzicht verreweg het meest verkieselijk. Het meeste nog beantwoordt Umber's indeeling aan dit systeem. Hij classificeert al de pancreasziekten in acht rubrieken en wel:

I. Funktionelle (Hypo- und Hypersecretio pancreatica)

V. Tuberkulose

VI. Syphilis VII. Blutungen

VIII. Pankreassteine.

Dat ook deze indeeling klinisch niet bevredigt, valt al aanstonds op. Overwegen wij nu waartoe de diagnostische methoden kunnen voeren, dan hebben wij allereerst in oogenschouw te nemen functioneele stoornissen van het pancreas, afwijkingen van den norm bestaande in een te veel of in te weinig van de secretie. Hiervan is alvast de laatste afwijking ongetwijfeld te diagnosticeeren; wat de eerste, de hypersecretie betreft, de literatuur erover is uiterst karig en nog zeker onbetrouwbaar. De tweede groote rubriek van afwijkingen vormen de ontstekingen. Ofschoon nog lang niet alle — vooral de chronische bieden nog maar al te dikwijls reusachtige moeilijkheden — toch zijn vele gevallen, wanneer men geheel het arsenaal van het diagnostisch kunnen en denken met verstand en onder groote omzichtigheid hanteert, ook reeds aan het ziekbed vast te stellen. Daarbij houde men echter in het oog, dat tenslotte bij vele chronische pancreasziekten de diagnostiek niet verder gaat dan tot het vaststellen eenerhypofunctie en dus dan onmogelijk maakt de scherpe en zeer stellige onderscheiding tusschen een zuiver functioneel en een organisch pancreaslijden. De derde en laatste groep is die der nieuwvormingen

II. Entzündliche < *7. .

l chronische

III. Die Pankreas- und Fettgewebsnekrose

r Carcinom ^ Sarkoin

IV. Neubildungen < Seltenere Geschwülste < Adenom

Cvsten Fibrom

II. Entzündliche

Sluiten