Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geval met een hooge chol.-waarde, waarin haematurie was opgetreden, eene chronische haemorrhagische nephritis aan en ook dit bleek juist te zijn.

Dat tusschen hyperchol.aemie en verhooging van den bloeddruk geen verband bestaat, toonde Cantieri j) aan. Personen met arterio-sclerose en verhooging van den bloeddruk vertoonden hetzelfde chol.-gehalte als die met arteriosclerose zonder bloeddrukstijging, het was of verhoogd of normaal. Bij een zelfde persoon schommelt het chol.-gehalte sterk, volgens hem tengevolge van het voedselgebruik. Van eenige regelmaat in de verhouding tusschen bloeddrukverhooging en vermeerdering van het chol.-gehalte bleek hem niets; bij nierlijders, zegt hij, bestaat gewoonlijk hyperchol.aemie, ook al is de bloeddruk niet verhoogd.

Port vond met zijne methode om door middel van cholesterine de saponine-haemolyse te remmen, dat bij nierlijders met min of meer duidelijk uitgesproken uraemische verschijnselen een verhoogd cholesterine-gehalte bestond. Bij acute haemorrhagische nephritis zonder oedeem en met weinig eiwit en ook bij typische chronische interstitiëele nephritiden vond hij geen vermeerdering der „Schutzkraft". Bij een ernstig geval van roodvonk-nephritis met uraemische verschijnselen en veel eiwit in de urine was gedurende deze complicatie de „Schutzkraft" duidelijk verhoogd; bij de reconvalescentie kwamen de normale waarden terug.

In 1918 verscheen een artikel van Stepp2), waarin hij o.a. de waarde van het chol.-gehalte bij verschillende vormen van nierziekten behandelt (methode vanAuTHENRiETH-FuNK). De meeste van de onderzochte gevallen betroffen de z.g.

1) Wien klin. W. 1913. 42.

2) M. med. W. 1918. 29.

Sluiten