Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

of absolutus 10, en aq. dest. 90, geeft altyd goede beelden, waarbij men slechts zeer kort, b.v. gedurende een halve minuut, behoeft te kleuren. Bloedpraeparaten geven met methyleenblauw fraaiere beelden.

De NEissER-kleuring, zooals deze bij diphtherie wordt toegepast, is ongeschikt voor den vibrio, en ook de kleuring volgens Ziehl-Neelsen is niet te gebruiken, daar van alcoholof zuurvastheid geen sprake is.

HOOFDSTUK IV.

Eigenschappen in verschillende voedingsbodems.

Als alle vibrionen heeft ook de onderhavige bacterie veel zuurstof noodig om te groeien. In de „tube Veillon" groeit zy in hoofdzaak in de oppervlakkige lagen, onderin niet. De behoefte aan zuurstof blijkt ook uit de wijze van groei in peptonwater (zie later), zoodat van een obligaat-aëroben groei kan worden gesproken.

Alkalische reactie der voedingsbodems is beslist noodzakelijk ; zelfs overmaat van alkali werkt gunstig, gelyk blijkt uit den overvloedigen groei in alkalische peptonoplossingen en alkalischen bouillon.

Bouillon wordt, na het enten, binnen achttien uur troebel, zonder bezinksel, en na twee of drie dagen vormt zich een dik vlies. Dit laatste is vooral waar te nemen in kolven met bouillon-MAKTiN. Het vlies schikt zich in plooien en begint na een dag of tien hier en daar te zinken, waarna op de open plekken wederom vliesvorming optreedt. Dit laatste vlies bestaat alleen uit zeer korte bacterievormen.

Voegt men bij den bouillon na eenige dagen druppels-

Sluiten