Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

buis 1 2 3 4 5

ser. norm. konijn 1:5 0,5 — — c-c-

„ „ cavia 1:5 — 0,5 — »

n „ duif 1:5 — — 0,5 »

„ „ konijn 36 1:5 — — 0,5 „

,, • „ cavia 88 1:5 — — 0,5 „

„ duif 94 1:5 — — — — — 0,5 „

compl. 0,3 0,3 0,3 0,3 0,3 0,3 „

i uur in een waterbad op 37° C.

antig. 0,1 0,1 0,1 0,1 0,1 0,1 „

zoutw. 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 „

^ uur in een waterbad op 37° C.

gesens. bl. 111111»

resultaat v.1. v.1. v.1. v.r. v.1. v.r.

Met 0,1 antigeen geven dus de sera van het voorbehandelde konijn, en de geimmuniseerde duif, volledige remming. Het caviaserum vertoont geen remming.

Met 0,2 antigeen gaven alle drie sera remming, het caviaserum echter weinig. In het normale serum trad ook een spoortje remming op. Voor alle zekerheid waren nog controles op eigen remming van sera en ook van antigeen opnieuw ingezet; deze waren in orde.

Na eenige uren trad in de buizen die antigeen bevatten, een paarsche verkleuring op, waarschijnlijk als gevolg van haemolyse, veroorzaakt door het antigeen. Toch was na achttien uur het verschil tusschen den inhoud der buizen

nog duidelijk te zien.

Uit deze proeven is dus gebleken, dat de vibrio in het bloedserum der voorbehandelde en der geïmmuniseerde dieren antistoffen kan opwekken.

Sluiten