Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

toevoeging van een kleine hoeveelheid van een ander zout b.v. calciumchloride de rythmische contracties kon doen ophouden.

Bij organen zooals de spieren van kikvorschen blijft men genoodzaakt zich te houden aan een bepaalden osmotischen druk. En ook voor het antagonisme van de zouten, is men steeds gebonden aan het feit, dat de totale concentratie der ionen in de vloeistof binnen zekere grenzen moet blijven. Een behoorlijke variatie in de hoeveelheid der toegevoegde zouten wordt daardoor onmogelijk, zoodat een oplossing van het vraagstuk bij dit object hierdoor in den weg wordt gestaan.

Het moet daarom als een groote vooruitgang worden beschouwd, dat Loeb ') zijn onderzoek met Funduluseieren en de uit die eieren ontwikkelde visschen, voortzette. Het gelukte Loeb om aan te toonen, dat de eieren van de zeeegel Fundulus heteroclitus zich evengoed in gedestilleerd water konden ontwikkelen als in gewoon zeewater. De eenigste eisch voor het welslagen der proeven, was daarbij, dat het gedestilleerd water absoluut zuiver moest zijn. Indien echter aan het gedestilleerd water keukenzout werd toegevoegd, dan bleek, dat met toenemende concentratie van het keukenzout de vloeistof steeds giftiger werd. In normaal zeewater ontwikkelen deze eieren zich, nadat ze bevrucht zijn, in een betrekkelijk langen tijd, n.m. 8—21 dagen. Bij deze ontwikkeling is op den derden dag de circulatie in het embryo al begonnen. Deze zelfde ontwikkeling van het ei kan ook plaats hebben in zuiver gedestilleerd water, waaruit Loeb de conclusie trok, dat de eieren en ook de visschen de zouten in het zeewater niet voor hunne ontwikkeling noodig hebben. Worden echter de versch bevruchte eieren, direct in een zuivere keukenzoutoplossing gebracht, dan ontwikkelen de eieren zich niet. Voegt men aan de keukenzoutoplossing wat calciumchloride toe, dan kunnen de bevruchte eieren embryonen vormen en wordt daar bovendien nog wat kaliumchloride aan toegevoegd, dan kunnen de eieren zich geheel ontwikkelen en ook de jonge visschen blijven leven. Loeb maakt hieruit de gevolgtrekking, dat een zuivere keukenzoutoplossing giftig werkt en dat calciumchloride en kaliumchloride het chloornatrium zouden kunnen ontgiften.

Bovendien bleek Loeb, dat de zwembewegingen van Gonionemus, een meduse, alleen in een keukenzoutoplossing met kalium en calciumzouten blijven bestaan, maar dat deze bewegingen in gedestilleerd water en in een zuivere keukenzoutoplossing direkt ophouden. Op-

') J. Loeb. American Journal of Physiology, 3, p. 327, 1900.

ibidem 3, p. 383, 1900.

Sluiten