Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

twee zouten aanwezig zijn, wordt de verhouding tusschen eiwitstof en electrolyt ten opzichte van de ionen zoo ingewikkeld, dat zij voor berekening moeilijk toegankelijk wordt, eene moeilijkheid, die zich in het experiment uit door groote wisselvalligheid der uitkomsten.

§ 3. De gewijzigde vloeistoffen van Ringer.

In de RiNGER'sche vloeistof is het mogelijk om het kaliumchloride door andere zouten met een radioactief bestanddeel te vervangen, zooals in Hoofdstuk 2 uitvoeriger is besproken '). Zoo is b.v. voor de normale automatie van het geisoleerde kikkerhart het KCi in de RiNGER'sche vloeistof te vervangen door 25 mgr. U02 (N03)2, welke waarde geldt voor een kikvorschenhart, dat in wintertoestand verkeert. Zooals uit het vorige hoofdstuk bekend mag worden verondersteld, is tusschen het U02 (N03)2 en het CaCl2 in deze gewijzigde vloeistof van Ringer een balanceering vast te stellen 2). Aangezien we hier te doen hebben met het tweewaardige uranylion in tegenstelling met het in de gewone RiNGER'sche vloeistof aanwezige eenwaardige K + ion, is het noodzakelijk onze formule daarvoor eenigszins te wijzigen.

Nemen we nu aan, dat de drie electrolyten een electrisch evenwicht vormen lo voor calcium:

p RT , C2

Ez = rT ln ~r <4)

2 2

2o voor natrium:

p RT , C3 • , v

E" = ST'nt (9>

3o voor uranylnitraat:

E< = n7 f" ('»

dan zal, ten einde een evenwicht tusschen eiwitstoffen en electrolyten onderling te verkrijgen voldaan moeten worden aan den eisch

E2 = E3 = E4

Werken we dit nu uit dan krijgen we, daarbij rekening houdende met het feit, dat het uranylion tweewaardig is:

ionenconcentratie calcium _ Co2 X c32 ionenconcentratie uranyf ~ C32 X C4 X c2~ ' ' ^ waarin weer C2, C3 en C4 de oplossingsspanningen zijn van het calciumchloride, het natriumchloride en het uranylnitraat. c2 is de concentratie der calciumionen en c die der natriumionen in het electro-

') Zie hiervoor p. 23 e.v.

1916 Dl 25 pgen37rai916erSl' K°"' Akad' V- Wetensch- Dl. 24, pg. 1822,

Sluiten