Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tijdens de lichtadaptatie waren de pupillen bdzs ruim 40, (de pat. had den vorigen dag een mydriaticum gehad), aan 't eind van 't onderzoek maximaal wijd.

De krommen vertoonen groote overeenkomst met die van iftej. W.—P. Aanvankelijk is 't verloop geheel normaal (AG bdzs 5,63), na de 15® min. is er nog slechts geringe stijging; de eindgevoeligheid is abnormaal laag (R. 10487. L. 8156). Er is dus verminderde adaptatie.

Het donkergezichtsveld van het R. oog is slechts zeer weinig beperkt en ik kon geen minderwaardigheid vaststellen. Het reikt boven tot 50°, temp, beneden en nas. tot ruim 50°. Voor 't L.O. is 't zeker wat beperkt, gaat naar boven tot ruim 40°, temp, beneden en nas. tot 50°.

4. H. J. L., 40 jaar, sigarenmaker.

in cie anamnese: hoofdpijn, braken, soms wazig zien en dubbelzien.

Sterke kyphoscoliose. Tumor cerebri.

Fundus: Bdzs sterk gezwollen Nn optici met gekronkelde uitgezette vaten, vele bloedingen en enkele witte

innltraten. De zwelling bedraagt R. 5 D.

Sluiten