Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

\ oor t RO. is de AG. 3,16, de EG. 29363, de curve voor dit oog moet als normaal beschouwd worden. Links is de AG. 3,75, de hoogst bereikte gevoeligheid 18944, deze is dus verlaagd en daarmee de adaptatiebreedte.

Er was geen tijd voor 't opnemen van het donkergezichtsveld.

N.B. 't Gezichtsveld is opgenomen 14 Juni, 't onderzoek der DA. geschiedde 15 Juli.

Resumeerende, vinden we dus bij:

NO. 1. (2e onderzoek) verminderde AG. en EG. en

verhoogde adaptatie.

N«. 2. vnl. later verminderde gevoeligheid en verminderde

adaptatie.

N". 3. normale AG. verminderde EG. en verminderde

adaptatie.

N". 4. normale AG. verminderde EG. en verminderde

adaptatie.

N°. 5. R. normaal.

L. normale AG. verminderde EG. en verminderde

adaptatie.

t Meest voorkomende type: normale AG. verminderde EG. is zeer goed in overeenstemming met 't daarbij voorkomende peripheer beperkte donkergezichtsveld (bij dikwijls normaal lichtgezv.)

Ook bij N°. 1. bestaat het te verwachten parallellisme tusschen donkergezichtsveld en verloop der DA; bij ontbreken van t centrum is de AG. verminderd, terwijl de normaliter gevoeligste zóne hier van subnormale qualiteit is (verminderde EG.)

Sluiten